'Verdorie die jonge lui vallen uit met burn-out!'

Hoe kan je dit fenomeen begrijpen en wat kan jij doen als werkgever?

Burn-out is een toenemend probleem bij jonge mensen. Als werkgever is het om je de haren uit te rukken. Als jongere sta je perplex en overmant je de twijfel. Laatst vertrouwde een HR haar frustratie aan mij toe: 'ze mogen 4/5de en 9-5 werken én ze hebben geen lening en geen kinderen... Wat is er nu toch in godsnaam aan de hand?

Er zijn een aantal factoren die bijdragen aan de ontwikkeling van burn-out bij jonge mensen. In deze blog zullen we een aantal causale factoren duiden waarom burn-out zo'n groot probleem is voor jonge mensen en wat werkgevers kunnen doen om dit probleem te helpen beperken zonder zich 'over-verantwoordelijk' te voelen.

Factoren die een rol spelen

Uit de dagelijkse coachingpraktijk haal ik volgende oorzaken: de rol van de opvoeding, intergenerationele overdracht, overprikkeling en FOMO.

De rol van de opvoeding

Een van de belangrijkste redenen voor de grote uitval van burn-out bij jonge mensen is de manier waarop ze zijn opgevoed. De jongere generatie is opgegroeid in een tijd waarin er meer aandacht is voor het individu. Er was en is veel meer ruimte gekomen voor gevoelens en behoeften. Waar mijn generatie nog te horen kreeg 'zwijgt en eet als de grote mensen spreken' heeft er in vele gezinnen en op school een ware ommeslag plaatsgevonden. Jongeren worden gevraagd zich uit te spreken, ouderen zijn bezorgd voor het welzijn van de jongeren. Sommigen spreken dan ook van een 'pampercultuur'. Zelf vind ik dit een positieve ontwikkeling omdat het jongeren in staat stelt om beter te voelen wie ze zijn en wat ze nodig hebben om gelukkig te zijn. Dat maakt hen ook tot gevoelige antennes voor stress en toxische relaties thuis en op het werk. Er zijn enkele studies die hiernaar verwijzen (1). En dat 'mogen voelen' laat ook een ander fenomeen tot uiting komen dat we kennen uit de epi-genetica. 

Intergenerationele overdracht: epi-genetica

De epi-genetica leert ons immers dat ons DNA 'bijleert' en omstandigheden 'absorbeert' of zich er aan aanpast. Zo onderschatten we mogelijks de impact op mensen van twee kort op elkaar volgende wereldoorlogen. Dat bracht mensen jarenlang in situaties waarin ze tekort ervaarden of zagen om hun heen. Ook dood en vernieling. Dat leverde heel wat overlevingsstress op en deze verankerde zich in het DNA/het celgeheugen en wordt vervolgens doorgegeven aan volgende generaties. Studies over de werking van celgeheugen wijzen die kant op (2). Het verklaart ook waarom de vorige generaties zo materialistisch ingesteld zijn en waren: overleven was de eerste prioriteit en voor je het weet heb je een enge blik ontwikkeld op de realiteit waarin alleen bakstenen en statussymbolen van belang zijn. Nu de jonge generatie een opvoeding kreeg waarbij mag gevoeld worden komt de overlevingsstress bovendrijven. Omdat de stress er is, het kan en mag gevoeld worden en er over gesproken mag worden!

Overprikkeling en de rol van technologie

Naast opvoeding en intergenerationele overdracht, speelt ook technologie een belangrijke rol in het ontstaan van burn-out bij jonge mensen. De meeste jongeren zijn dagelijks vele uren online en worden zo overprikkeld door alle informatie en filmpjes die ze ontvangen. Hierdoor raken ze uitgeput en gestrest, waardoor burn-out op de loer ligt.

Andere brengen uren al gamend door op internet waarbij ze gebombardeerd worden met beelden. Het gamen leidt ook tot afvlakking van beleving: prikkels dienen steeds verder opgevoerd te worden. Een bore-out ligt dan op de loer. Maar als je je werk saai vindt en het ondertussen 'om den brode' toch dient vol te houden dan kost je dat heel veel energie en ook dan kan een burn-out om de hoek komen gluren. Zelfdoding is de eerste doodsoorzaak bij jongeren en is sterk toegenomen de laatste jaren...

Een belangrijke oorzaak van overprikkeling is de continue beschikbaarheid voor social media. Jongeren zijn vrijwel altijd online beschikbaar en krijgen voortdurend nieuwe meldingen binnen met een belletje of één of andere 'tune'. Dit kan leiden tot een gebrek aan concentratie en focus, vermoeidheid en gevoelens van overweldiging. Bovendien kan het constant vergelijken van zichzelf met anderen op social media zorgen voor een gevoel van inadequaatheid en druk om te presteren. Hieronder enkele studies die dit aantonen (3).

'Alles moet kunnen' cultuur: FOMO

De 'alles moet kunnen' cultuur kan ook een rol spelen in het ontstaan van burn-out bij jonge mensen. We hebben onze jongeren grootgebracht in luxe. Ze hebben het maar voor het kiezen en voor het rapen. En er is zoveel. En de continue stroom aan reclame zorgt ervoor dat onze behoeften ook continu aangezwengeld worden. Er is zoiets ontstaan als FOMO (fear of missing out). Je moet alles hebben en overal bij zijn, alles meemaken online en offline. Jongeren worden een beetje dolgedraaid midden het consumptie (over-)aanbod.

Ik hoor mijn coachees dan ook regelmatig zeggen: 'mijn hoofd staat nooit stil' en ook: 'als je mij kan helpen bij het vinden van de 'uit-knop' zou dat fantastisch zijn'. Er is geen tijd voor simpele ontspanning en rust zoals een wandeling maken in de natuur, op je stoel zitten of luieren op het gazon en niks doen. Hieronder ook weer twee studies (4).

Wat kunnen Werkgevers doen?

Luisteren en zelf duidelijk zijn over de noden

Ontkennen van de beleving van de medewerker zal jullie alleen maar verder verwijderen van elkaar, het spanningsveld vergroten en het piekeren verder laten toenemen. Het risico op burn-out  neemt dan alleen toe. Daarom blijft goed luisteren naar wat er aan de hand is bij de medewerker de eerste vereiste. Alleen zo krijg jij zelf als werkgever ook meer voeling met hoe de werknemer het geheel ervaart.

Als jij goed geluisterd hebt en de werknemer zich echt begrepen voelt zal er ook ruimte ontstaan bij de jongere voor jouw zicht op de noden van de organisatie. Je kan die gewoon 'neerleggen' zonder dat je bevestiging van de medewerker vraagt. Soms heeft het wat tijd nodig om dat perspectief te laten doordringen. In onze training 'Assertief en Verbindend Communiceren' krijgen we diep inzicht in dit proces en oefenen we het.

'Back to the nature'

Dat is een heel belangrijke. We beseffen nog te weinig dat we uit de natuur komen, erbij horen en er inherent deel van uitmaken. Dat het meer is dan onze voedingsbodem: het is onze levensadem. De planten ademen uit wat wij inademen! Als werkgever kan je stimulansen geven om het gebruik van 'overbodige' technologie tijdens de werkuren te beperken, om pauzes buiten te nemen en te bewegen, buiten de werkuren offline te gaan,... Mensen beseffen immers niet hoe verslaafd ze zijn. En als ze het beseffen is dat het begin van een veranderingsproces. Bij Propel bieden we de training  "Hoe voorkom je burn-out bij je medewerkers als MANAGER" aan en "loopbaanbegeleiding" , ook  in de natuur. Dat blijkt telkens weer voor nieuwe zuurstof te zorgen voor het functioneren van de mensen en het team waartoe zij behoren.

Over grenzen leren bewaken

Ik vind dit een dubbeltje op zijn kant. Soms wordt er ook te ver in gegaan. Mensen vergeten dat 'zich engageren' ook plezier en voldoening geeft. Voortdurend bezig met het bewaken van afspraken is dan ook niet de insteek op lange termijn. Engageren en daarvan genieten is dat wel.

Echter wat doe je op korte termijn? Je kan niet anders dan omgaan met de realiteit zoals die nu beleefd wordt door de medewerker. En vanuit dat perspectief gezien is het ook belangrijk om werknemers te stimuleren om hun eigen grenzen te bewaken en tijd te nemen voor echte ontspanning en rust. Kijk naar de dieren hun ritme: ik zie mijn katten heel veel luieren. Eens buikje vol gaan de oogjes toe. Ook wij zijn dieren met daaraan een portie bewustzijn toegevoegd. Echter blijken we dat bewustzijn niet te gebruiken om te voelen wat we echt nodig hebben. Dat breekt sommigen zuur op. En ja de ritmes verschillen enorm. Soms zelfs tergend! In onze trainingen 'Assertief en Verbindend Communiceren' en 'Van stress en burn-out naar veerkracht' werken we aan een sterkere verbinding met onszelf en de ander. Dat laatste is het eerste wat moet gebeuren en vraagt voor veel mensen een complete shift.

Oude stress leren ventileren

Niet iedereen zal het even graag lezen toch wil ik in dit kader het immer 'pamperen' van medewerkers ontraden. Dat helpt in mijn ogen ook de werknemer niet. Hij pakt immers zijn eigen problematiek niet aan. Dus nog meer flexibiliteit, vergoedingen, compensaties,...aanbieden is voor mij niet het pad dat we te bewandelen hebben. We moeten verder leren 'voelen', wegen vinden om 'oude stress' te ventileren, centreren en dan komt een gezonde behoefte als vanzelf aan de oppervlakte. In onze training '"Van stress en burn-out naar veerkracht"' stappen we dat pad.

Ons denken heropvoeden

Ten slotte kunnen werkgevers ook een rol spelen in het promoten van een beter begrip van de rol van ons denken in ons leven. Als we ons bewust worden van de manier waarop ons denken ons gedrag en onze gevoelens beïnvloedt, kunnen we beter omgaan met stress en druk. We kunnen dan ook wat meer ruimte maken voor dankbaarheid voor het leven want die lijkt nu wel heel ver weg. Want zeg nu zelf: nooit hadden we zoveel luxe en toch hebben 2.5 mio Belgen nood aan slaapmiddelen! Werkgevers kunnen hun werknemers toe leiden naar informatie over hoe het denken werkt en hoe ze het kunnen gebruiken om hun welzijn te verbeteren. Ook daar bieden we bij Loopbaangeluk fraaie workshops voor aan: onze trainingen 'Assertief en Verbindend Communiceren' en 'Van stress en burn-out naar veerkracht' doen op dat vlak wonderen! Als leidinggevende kan je ook signalen herkennen bij je medewerkers, daarvoor hebben we de training 'Hoe voorkom je burn-out bij je medewerkers als MANAGER'


Heb je nog vragen? Laat het ons weten.

Bedankt voor je bericht

Ons team zal je zo snel mogelijk contacteren


(1) Een studie gepubliceerd in het tijdschrift Journal of Business and Psychology in 2013 "The influence of family factors on burnout among medical students" , bijvoorbeeld, vond dat studenten die opgroeiden in gezinnen met hoge niveaus van controle en afwijzing een hoger risico hadden op burn-out en depressie. Een andere studie gepubliceerd in het tijdschrift Personality and Individual Differences in 2015 "The role of family functioning in the relationship between childhood maltreatment and burnout in young adulthood" vond dat studenten die opgroeiden in gezinnen met lage niveaus van emotionele ondersteuning en hoge niveaus van kritiek een hoger risico hadden op burn-out en stress.

(2) Een studie gepubliceerd in het tijdschrift Nature Neuroscience in 2014 "Transgenerational epigenetic inheritance of prenatal exposure to maternal stress and glucocorticoid treatment" en "Parental olfactory experience influences behavior and neural structure in subsequent generations" suggereerde dat muizen die tijdens de zwangerschap werden blootgesteld aan stress, veranderingen in hun DNA hadden die aan hun nakomelingen werden doorgegeven en die gepaard gingen met angst- en stemmingsstoornissen. Een andere studie, gepubliceerd in het tijdschrift Biological Psychiatry in 2015 "Epigenetic and neural correlates of maternal posttraumatic stress disorder on offspring", vond vergelijkbare resultaten bij mensen: kinderen van Holocaust-overlevenden hadden veranderingen in hun epigenetica die verband hielden met de posttraumatische stressstoornis (PTSS) van hun ouders.
Er zijn ook studies die suggereren dat stress in de kindertijd kan leiden tot epigenetische veranderingen die in de volwassenheid aanwezig blijven en zelfs kunnen worden doorgegeven aan toekomstige generaties. Een studie gepubliceerd in het tijdschrift Nature Communications in 2018 "Early life stress induces long-term epigenetic changes in the brain" vond bijvoorbeeld dat muizen die werden blootgesteld aan stress in de kindertijd veranderingen hadden in hun epigenetica die verband hielden met depressie en angst, en dat deze veranderingen werden doorgegeven aan hun nakomelingen.

(3) Hieronder vindt u twee studies die aantonen dat technologie een belangrijke rol kan spelen in het ontstaan van burn-out bij jonge mensen:
* "Smartphone use, smartphone addiction, and sleep quality in college students" (Journal of Behavioral Addictions, 2017) - Deze studie onderzocht de relatie tussen smartphonegebruik, smartphoneverslaving en slaapkwaliteit bij universiteitsstudenten. De studie vond dat overmatig gebruik van smartphones en smartphoneverslaving gerelateerd waren aan een slechtere slaapkwaliteit, wat kan bijdragen aan gevoelens van uitputting en stress.
** "Social media use and mental health among young adults" (Psychiatry Research, 2019) - Deze studie onderzocht de relatie tussen social media-gebruik en geestelijke gezondheid bij jongvolwassenen. De studie vond dat frequente gebruikers van social media een hoger risico hadden op symptomen van depressie, angst en stress. Dit kan worden verklaard door het constant vergelijken van zichzelf met anderen op social media en de druk om te presteren die daaruit kan voortvloeien.

(4) Er zijn verschillende studies die suggereren dat de cultuur van 'alles moet kunnen' en de constante stroom van consumptiegerichte berichten en reclame kan bijdragen aan het ontstaan van burn-out bij jonge mensen. Hieronder vindt u twee voorbeelden:
* "Consumer culture, identity, and well-being: The search for the 'good life' and the 'body perfect'" (Psychology & Marketing, 2009) - Deze studie onderzocht de relatie tussen consumptiecultuur, identiteit en welzijn. De studie vond dat een sterkere identificatie met de consumptiecultuur leidde tot meer gevoelens van stress en minder welzijn, omdat mensen zich constant onder druk voelen staan om te voldoen aan bepaalde normen en verwachtingen.
** "The relationship between materialism and burnout: The moderating role of gratitude" (Personality and Individual Differences, 2018) - Deze studie onderzocht de relatie tussen materialisme en burn-out en vond dat mensen met hogere niveaus van materialisme een hoger risico hadden op burn-out. De studie suggereerde dat het cultiveren van dankbaarheid een beschermende factor kan zijn tegen burn-out in een cultuur die gericht is op materiële verwerving.